Omgevingspsycholoog

Hoe kun je mensen controle over hun omgeving geven?

Als we controle hebben over wat er om ons heen gebeurt, ervaren we vrijheid. Hebben we heel weinig of geen controle, dan uit zich dat in een hoop negatieve emoties. Door hier bewust gebruik van te maken, kun je een ruimte prettiger maken voor gebruikers.

Als we controle hebben over wat er om ons heen gebeurt, ervaren we vrijheid. Hebben we heel weinig of geen controle, dan uit zich dat in een hoop negatieve emoties. Architectuur, interieur en facilitair management beïnvloeden de hoeveelheid controle die we over onze omgeving ervaren. Door hier bewust gebruik van te maken, kun je een ruimte prettiger maken voor gebruikers.

Wat is controle over de omgeving?

We ervaren controle over onze omgeving als we invloed hebben op de dingen die er gebeuren in onze omgeving en we verwachten dat deze invloed leidt tot een positief resultaat (Gifford, 2007). Belangrijk hierbij is dat het gaat om de ervaring van controle; niet per se de letterlijke controle. Je hoeft niet de letterlijke controle te hebben om een gevoel van controle te krijgen (hierover later meer).

Gevolgen van veel vs. weinig controle

Als we veel controle ervaren, noemen dit ook wel (keuze)vrijheid. We ervaren relatief veel controle op plekken die ‘van ons’ zijn, zoals thuis (Taylor & Stough, 1978). Het hebben van controle ervaren we dan ook als iets prettigs en dit gevoel lijkt allerlei andere psychologische effecten te beïnvloeden. Zo laat onderzoek in kantoortuinen  zien dat meer controle van de medewerker over de fysieke werkomgeving leidt tot een hoger werktevredenheid en waargenomen groepscohesie (Lee & Brand, 2005).

Als we weinig controle ervaren, proberen we deze verloren ‘vrijheden’ terug te krijgen (Brehm & Brehm, 1993). Lukt dat niet, dan ervaren we vaak ontmoediging, pessimisme en hulpeloosheid (Seligman, 1975). We ervaren relatief weinig controle op openbare plekken, zoals het perron van een station (Taylor & Stough, 1978). Op dit soort plekken proberen we dan te corrigeren door onze persoonlijke ruimte af te bakenen (Altman, 1975).

Hoe kun je mensen controle geven?

De ervaring van controle wordt beïnvloed door heel veel factoren, zoals jouw persoonlijkheid (bijv. locus of control), je baan (bijv. jouw formele positie in de hiërarchie van een organisatie bepaalt jouw ‘macht’) of je kennis (bijv. informatiemacht, weet jij dingen die anderen niet weten?). Ook de fysieke omgeving heeft invloed op hoeveel controle jij ervaart.

Territorium geeft mensen controle

mensen willen controle over hun leefomgevingEen simpele vorm van controle in de fysieke omgeving is territorialiteit (Altman, 1975): het gevoel dat iets van iemand is. Een voorbeeld daarvan is de hoeveelheid grond die iemand gebruikt om op te wonen of de grootte van het kantoor van een medewerker. Als je meer ruimte ‘bezit’, kun je er ook meer controle over uitoefenen en dus geeft dit een hoger gevoel van controle. De controle wordt nog explicieter als iemand de ruimte heeft afgebakend, bijvoorbeeld met een hek.

Personalisering van een ruimte geeft controle

Je ziet territorialiteit ook terug op kleinere schaal. Bijvoorbeeld als iemand zijn bureau heeft ingericht met persoonlijke voorwerpen. Gekscherend wordt het wel eens territoriumafbakening genoemd, wat het in feite ook is. Deze items geven de persoon een gevoel dat de omgeving meer van hem is en daarmee ook dat hij er meer controle over heeft.

Rustige vs. drukke ruimtes beïnvloeden controle

Ook de indeling van een ruimte beïnvloedt het gevoel van controle. Een medewerker die naast een koffieautomaat zit heeft minder controle over de werkomgeving dan iemand die achteraf in een hoekje werkt. Omdat er bij de koffieautomaat namelijk meer mensen komen dan in het achteraf hoekje, gebeuren er bij de koffieautomaat relatief veel dingen waar de medewerker geen invloed op heeft (zie ook crowding). Hierdoor ervaar je minder controle.

Positie van ruimtes bepaald controle

Verder bepaalt de plaatsing van ruimtes en toegangen tot de ruimte hoeveel controle iemand heeft. Stel, voor het kantoor van de directeur zit een ruimte waar de assistent werkt. Als er alleen een uitgang is via de ruimte van de assistent, heeft deze relatief veel controle. De assistent weet wanneer de directeur aanwezig is, de directeur moet immers via de kamer van de assistent naar buiten. Ook kan hij bepalen wie er wel of niet naar binnen mag bij de directeur, omdat iedereen langs de assistent moet.

Stel nou dat er een extra deur aan het kantoor van de directeur zit. Dan neemt de controle van de assistent sterk af. Immers, de directeur hoeft nu niet langs de assistent om naar buiten te gaan en daardoor weet de assistent minder goed of de directeur aanwezig is. Bovendien is het mogelijk voor anderen om de directeur te bezoeken zonder dat ze via de kamer van de assistent moeten lopen (dit voorbeeld komt uit Bafna, 2003).

Perceptie van controle vergroten in de fysieke omgeving

Tot nu toe hebben we het over vormen van letterlijke controle gehad. Zoals gezegd gaat het om de ervaren controle. Letterlijke controle is daartoe een manier. Je kunt mensen ook het gevoel van controle geven zonder dat ze letterlijk controle hebben. Om het verschil tussen deze twee duidelijk te maken, een voorbeeld uit de praktijk:

Werkelijke controle vs. de perceptie van controle

In een nieuw kantoorgebouw is een nieuw temperatuur- en ventilatiesysteem geïnstalleerd. Het systeem werkte volgens de nieuwste voorschriften. Toch klaagden de medewerkers dat ze het soms te warm of te koud vonden.

thermostaat geeft mensen controle over hun omgevingOp een onbewaakt moment heeft de aannemer kastjes aan de muur gemonteerd waarmee de temperatuur geregeld kon worden. De kastjes waren echter niet verbonden met het systeem, dus in werkelijkheid kon de temperatuur er niet mee veranderd worden. Toch verminderden de klachten over de temperatuur. Waarom? Mijn verklaring is dat de placebo-kastjes de medewerkers de perceptie van controle gaven.

Begrijp me niet verkeerd, ik ben absoluut geen voorstander van deze manier van werken (dit soort acties kunnen het vertrouwen van mensen enorm schaden, met alle gevolgen van dien), maar dit voorbeeld geeft wel goed het verschil aan tussen werkelijke controle en de perceptie van controle. Ook al hebben we geen controle, toch kan het gevoel van controle ervoor zorgen dat we minder stress ervaren (Glass & Singer, 1972 in Brehm e.a., 2002).

Feedback uit de omgeving geeft gevoel van controle

Feedback van de omgeving geeft mensen een gevoel van controle, vaak zonder dat het hun letterlijke controle geeft. Doordat ze feedback ontvangen, kunnen mensen anticiperen op de omgeving, wat hen vervolgens een gevoel van controle geeft.

Wachtsysteem geeft gevoel van controle

Een bekend voorbeeld is het wachtsysteem waar je een nummertje moet trekken voordat je geholpen word. Doordat de volgorde in nummertjes die worden opgeroepen bekend is en jij weet welk nummertje je hebt, weet je ongeveer wanneer je aan de beurt bent. En dit geeft je gevoelsmatig een bepaalde mate van controle over de omgeving..

Echter, omdat je meestal geen invloed kunt uit oefenen op hoe snel de nummertjes voor je gaan, is de ervaren controle niet werkelijk maar slechts waargenomen. Dit is ook de reden waarom zo een systeem snel om kan slaan tot frustratie als het wachten onverwacht lang duurt.

Iedereen wil controle

De uitdaging van controle is dat we het allemaal willen en dat onze individuele behoefte aan controle vaak botst (dit hoeft overigens niet altijd het geval te zijn). Laten we er van uitgaan dat jij en ik gelijk zijn in ons bezit, connecties, formele positie, etc. Als jij meer controle hebt over de omgeving, wordt die van mij vaak minder omdat ik geen controle heb over wat jij doet.

Behoefte aan controle kan botsen met doel van gebouwen

Dit is één van de problemen die je tegenwoordig ziet bij multifunctionele ‘open gebouwen’. We willen heel graag dat zoveel mogelijk mensen gebruik kunnen maken van een ruimte (bijvoorbeeld een wijkcentrum met daarin een bibliotheek en een school). Daarmee geven we eigenlijk een stukje controle op, omdat je al deze mensen niet allemaal kunt controleren. Tegelijkertijd willen we wel de controle behouden, we willen niet dat zomaar iedereen toegang heeft tot onze schoolkinderen.

Gelukkig gaat het om de ervaring van controle en daardoor is er veel speelruimte om iedereen een beetje controle te laten ervaren. Ook zijn er veel manieren om op een subtiele manier bezoekers ‘te controleren’. Denk aan effectieve bewegwijzering of de broken window theory.

Opmerking toevoegen

Over de schrijver

Joren van Dijk

Wij helpen jou met het verbeteren van beleving van eindgebruikers. Dit bereiken we door aanpassingen te doen in het ontwerp en de inrichting van de fysieke ruimte. We analyseren jouw omgeving op sterktes en zwaktes, onderzoeken de behoeftes van eindgebruikers en we ontwikkelen interventies om dit te verbeteren.

Geprikkeld? We horen graag van je! Je kunt me bereiken op:

joren@omgevingspsycholoog.nl
070 221 0793
06 4932 6072

Een vraag? Een opmerking?

Uw e-mail adres

Uw bericht

Type deze code over
captcha