Omgevingspsycholoog
SAMSUNG

Hoe ontstaat de ‘geïmproviseerde’ fietsenstalling op het stationsplein in Enschede?

Omdat fietsers zo snel mogelijk hun doel willen halen. Ze hanteren daarbij de ‘verminderen van verschil methode’ waarbij iedere stap die je maakt je dichter bij je doel brengt.

Omdat fietsers zo snel mogelijk hun doel willen halen. Ze hanteren daarbij de ‘verminderen van verschil methode’ waarbij iedere stap die je maakt je dichter bij je doel brengt. Een stap terug, ook al brengt dit je dichter bij je doel, voelt als vervelend en wordt daarom ook liever niet gedaan.

Voorbeeld Stationsplein Enschede

Neem het Stationsplein in Enschede. Fietsers mogen hun fiets niet parkeren op het Stationsplein. Dit heeft de gemeente, vermoed ik, gedaan om het plein begaanbaar te houden. Het idee is daarbij dat de fietsers doorfietsen naar de fietsenstalling aan de westzijde, bij het busplatform, van het station. In theorie een mooie oplossing. Maar dat gebeurt in de praktijk maar deels. Waarom?

Fietsers plaatsen hun fiets het liefst zo dicht mogelijk bij de ingang. Maar waarom doen ze dat?

De meest voor de hand liggende antwoord is dat de alternatieven slecht bereikbaar zijn en extra tijd kosten. Dit is, inderdaad, waar. Er is ook nog een andere reden.

Verminderen van verschil methode

Veel mensen, ik ook, redeneren vaak vanuit de ‘verminderen van verschil methode’ (difference reduction method). Als je een probleem probeert op te lossen, probeer je met iedere stap dichter bij het uiteindelijke doel te komen.

Brengt een stapje terug je dichter bij de oplossing?

Een stap terug zetten vinden we heel moeilijk, dit geeft het gevoel dat je weer verder weg van de oplossing komt. Dat terwijl een stap terug je soms dichter bij de oplossing brengt. Een mooi voorbeeld van dat we het moeilijk vinden om ‘een stapje terug te zetten’, is het missionaris kannibalen probleem.

Ik wil mijn fiets zo dicht mogelijk bij het station zetten

waarom staan er fietsen op het stationsplein in EnschedeJe ziet de ‘verminderen van verschil methode’ ook terug in de situatie bij het station. Het ‘probleem’ van de mensen is dat ze bij de trein willen komen, waarbij ze hun fiets weg moeten zetten. De beste oplossing, volgens de ‘verminderen van verschil methode’, is je fiets te plaatsen ergens op de route tussen ‘daar waar jij je nu bevindt’ en het station. Daarbij plaats je de fiets liefst zo dicht mogelijk bij het station, want dit lost het probleem het snelste op.

Vervolgens wordt je geconfronteerd met een extra probleem: het is niet toegestaan je fiets naast de deur te zetten. Je kunt nu twee dingen doen:

  1. Je rijdt door naar de fietsenstalling en plaatst daar je fiets.
  2. Je plaatst je fiets ergens op de route tussen ‘daar waar jij je nu bevindt’ en het station.

Omfietsen om dichterbij te komen?

De eerste oplossing lijkt een stap terug: nadat je steeds dichterbij het station bent gekomen, moet jij je weer verwijderen van het station om in de fietsenstalling te komen. Dit hoeft helemaal geen probleem te zijn. Je fietst immers nog een stuk waardoor jij je veel sneller verplaatst dan als je zou lopen. Afhankelijk van de bereikbaarheid van de fietsenstalling, de afstand tussen de fietsenstalling en het station en hoeveel plek er in de fietsenstalling is, is dit rationeel gezien een goed idee (in de situatie van Enschede, kun je dit betwijfelen).

Mijn fiets op de route naar het station plaatsen!

De tweede oplossing lijkt een stuk aangenamer. Je blijft op de rechte route naar de oplossing van het probleem: zo snel mogelijk bij het station komen. Bovendien wordt dit gevoel gerechtvaardigd door het idee dat er in de fietsenstalling geen plek is en dat je ook nog moet lopen. Dat je dit stuk fiets en daardoor mogelijk tijdwinst hebt en dat het plaatsen van je fiets bij de andere fietsen aan de rand van het plein ook niet even gemakkelijk gaat, wordt dan even vergeten.

Fietsers plaatsen hun fiets op de route naar het station

Ongetwijfeld zullen er mensen zijn die hun fiets in de fietsenstalling plaatsen, die kiezen voor oplossing 1. Een ander deel van de fietsers zal voor oplossing 2 kiezen. Sommige fietsers plaatsen hun fiets pal naast het station, het merendeel plaatst zijn fiets op de dichtstbijzijnde plek (bij het station) waar het is toegestaan: op de grens van het Stationsplein.

Fietsers met haast

Bovendien kost het veel mentale energie om de ‘verminderen van verschil methode’ te overrulen. Als mensen haast hebben, ervaren ze een vorm van stress en is er minder mentale energie beschikbaar. Daardoor zullen mensen met haast – en die heb je nog wel eens bij stations – eerder geneigd zijn om hun fiets op de grens van het Stationsplein neerzetten (lees meer over voorbeelden van mentale uitputting).

Andere fietsen zorgen voor sociaal bewijs

mensen zoeken naar sociaal bewijs, wat doen andere fietsersDoordat er meer mensen hun fiets op die plek plaatsen, ontstaat er sociaal bewijs. Dit geeft nieuwe fietsers een reden of excuus (wat je wil) om hun fiets er ook bij te plaatsen. Anderen doen het ook, dus dan mag jij dat ook. Dit sociaal bewijs vergroot het effect dat mensen hun fiets aan de rand van het plein plaatsen.

Reguliere fietsenstalling lijkt slecht alternatief

En uiteraard, zoals gezegd, zorgt de (waargenomen) toegankelijkheid van de fietsenstallingen en het (waargenomen) tekort aan fietsenplekken er voor dat mensen worden gerechtvaardigd in hun keuze om hun fiets aan de rand van het Stationsplein te plaatsen.

Geïmproviseerde fietsenstalling

Het gevolg hiervan is dat er een geïmproviseerde fietsenstalling ontstaat. In dit specifieke geval in Enschede blokkeert deze de drukke looproute van station Enschede naar Saxion. Dit levert irritatie op bij wandelaars van en naar het station.

Oplossing voor geïmproviseerde fietsenstalling

De oplossingen zijn ‘simpel’. Ga uit van hoe mensen zich werkelijk gedragen: fietsers zetten hun fiets liefst op de route naar en zo dicht mogelijk bij het station. Zorg daarom voor een goede fietsenstalling aan de zuidkant van het stationsplein op een plek waar ze voor minder hinder zorgen. Neem ook de bezwaren bij de alternatieven weg: zorg er voor dat de fietsenstallingen aan de west- en oostkant van het station toegankelijk zijn.

Door mensen een aantrekkelijk alternatief voor de geïmproviseerde fietsenstalling te bieden, zullen ze minder geneigd zijn de fiets op de rand van het Stationsplein te zetten. Te gelijkertijd moet duidelijk zijn voor de fietsers waar ze wel en vooral niet hun fiets mogen plaatsen. Uiteraard moet dit gepaard gaan met handhaving; als er dan nog fietsen zijn die de doorgang versperren, moeten deze worden verplaatst. Niets werkt zo erg als regels die worden overtreden waarop standaard geen sanctie volgt (zie hierover ook the broken window theory).

5 opmerkingen

  • Die nieuwe fietsenstalling was bij de bouw al gedoemd te mislukken: hij is te klein (zeker nu de stalling bij het Bolle weg is), je kan van buiten niet zien of er plek vrij is en je kan niet direct uit de stalling het perron op dus de stalling in gaan is altijd een omweg. Nu kan dit laatste punt aangepakt worden met een loopbrug, maar dat zal wel weer jaren duren…

  • Hey Bart,

    Helemaal mee eens. Ik snap ook niet wat de overwegingen zijn geweest om een fietsenstalling van 2 verdiepingen te maken met alleen in en uitgangen op de begane grond.

    Als alternatief voor de ’t Bölke fietsenstalling zouden ze een extra fietsenstalling op dat plein met die platte fontijn & scate voorzieningen kunnen openen.

    Gr Joren

  • Interessant verhaal. De difference reduction method ken ik niet. Van wie is die theorie? Welke experimenten zijn er gedaan die laten zien dat mensen zo handelen?

    • De theorie is niet echt van iemand voor zover ik heb kunnen achterhalen. De term wordt aangehaald door bijvoorbeeld Anderson (2005). Een andere term of metafoor voor dit fenomeen is ‘hill climbing’ (wordt ook gebruikt in programmeren).

      Onderzoek naar dit fenomeen zijn veelal experimenten waarbij mensen een probleem moeten oplossen, zoals het missionaris kanibalen probleem. Hieruit blijkt dat veel mensen een vorm van de ‘difference reduction method’ gebruiken. Michael E. Atwood heeft hier in de jaren ’80 verschillende experimenten over uitgevoerd.

      Nu mobiele hersenmetingen dichterbij komen (dat je het meetapparaat kunt mee nemen in een ruimte), wordt het interessant om te kijken of deze patronen terug te vinden zijn in de hersenen terwijl iemand een taak uitvoerd. Zoals zijn fiets wegzetten.

      Beantwoord dit je vraag een beetje?

  • Mensen die vanuit het zuiden naar het station komen nemen gewoon aan dat als ze hun fiets op het plein pleuren, dat die dan niet verwijderd wordt door de gemeente. Zeker niet als die daar kort staat. En geef ze eens ongelijk. De fietsenstalling is niet alleen omfietsen, maar ook nog eens niet per se minder lopen. Daarmee is het hier dus niet de ‘verminderen van verschil methode’; het is gewoon echt een snellere en simpelere oplossing voor hun stationsbenaderingsprobleem.

    “Te gelijkertijd moet duidelijk zijn voor de fietsers waar ze wel en vooral niet hun fiets mogen plaatsen.” Dit is praktisch onmogelijk. Borden en dingen op de weg als lijnen, vlakken en kleuren worden door zowel fietsers als voetgangers te allen tijde compleet genegeerd. Fietsen worden altijd geplaatst bij andere fietsen (het sociale bewijs inderdaad) en anders tegen een paaltje/boom om hem aan op slot te zetten of tegen een muur. Grappig genoeg wordt het wel als not-done ervaren om een fiets pontificaal midden op een groot leeg plein te stallen, ook al zou dat praktisch gezien feitelijk best kunnen.

    Fietsers aangeven dat er niet gestald mag worden op het stationsplein kan strikt alleen door handhaving op basis van verwijderen van fietsen. Eventuele bordjes die dit beleid ook aangeven zouden er puur als formaliteit hangen.

Over de schrijver

Joren van Dijk

In 2010 startte Joren de blog Omgevingspsycholoog.nl om de wetenschappelijke inzichten van omgevingspsychologie toegankelijker te maken voor het grote publiek. Zijn doel was (en is nog steeds) ervoor zorgen dat omgevingspsychologie een vast onderdeel wordt van bouw- en ontwerpprojecten. Dit lukt, steeds meer organisaties zien de meerwaarde van omgevingspsychologie en betrekken een omgevingspsycholoog in hun bouw- en ontwerpprojecten.

Joren’s specialisaties zijn mobiliteit, openbaar vervoer, veiligheid, licht en wachtbeleving. Daarnaast reist hij stad en land af om te vertellen over omgevingspsychologie.

Geprikkeld? Ik hoor graag van je! Je kunt me bereiken op:

joren@omgevingspsycholoog.nl
070 221 0793
06 4932 6072

Een vraag? Een opmerking?

Uw e-mail adres

Uw bericht

Type deze code over
captcha